Antoinette Vietsch| AVI research en consultancy
AVI

rearch en consultancy
AVI research en consultancy richt zich op: overheid, bouw en gezondheidszorg.

Vraagstukken waarmee AVI research en consultancy zich bezig houdt, zijn:
- wat is de huidige situatie
- wat zijn de ontwikke-lingen
- wat wordt de toekomst.
En natuurlijk ook: hoe speel ik op die ontwikkelingen in, hoe wijzig ik de toekomst.

                 Lees meer>>

Onafhankelijke indicaties


Farmacie en zorg
2 september 2011

Per 1 oktober as gaan AWBZ-zorgaanbieders zelf hun cliënten indiceren en bepalen dus hun eigen budget. De politiek lijkt te geloven dat zorginstellingen geen gebruik zullen maken van deze vorm van het kat op het spek binden.
Hoe wereldvreemd zijn de huidige politici?

Ruim 10 jaar geleden indiceerden instellingen zelf. Cliënten werden soms geïndiceerd naar de beschikbare plaatsen. Had bijvoorbeeld een gecombineerd verpleeg- en verzorgingshuis geen plaatsen vrij op de verzorgingsafdelingen, dan werd de cliënt gewoon geïndiceerd voor verpleeg-huis. Slechts bij opname op een gesloten afdeling, stelde de onafhankelijke GGD de indicatie: cliënten raakten immers hun zeggenschap volkomen kwijt en het is te vaak voorgekomen dat een zoon of dochter een ouder dement wilde verklaren zodat het huis verkocht kon worden en het kind het geld kon ‘beheren’.
Met name de ouderenbonden drongen aan op een eerlijke en dus onafhankelijke indicatie. Een eerlijke indicatie kan alleen plaatsvinden op basis van criteria. Aangezien de AWBZ een landelijke volksverzekering is, kwamen er landelijke criteria.. Daardoor werd de AWBZ een verzekering met polisvoorwaarden: te weten de criteria wanneer iemand recht op een bepaalde hoeveelheid uit de AWBZ betaalde zorg heeft.

Langzaam begonnen indicaties invloed te krijgen. Bij de thuiszorg werd van een regiobudget op historische basis overgegaan op een productiebasis. Nog beperkt. In 2003 werd nog betaald naar de hoogste zorg. Als een cliënt bijvoorbeeld per week 0,5 uur verpleging, 5 uur persoonlijke ver-zorging en 5 uur huishoudelijke verzorging nodig had, dan kreeg de thuiszorg 10,5 uur verpleging betaald. Ook hier werd een einde aan gemaakt.
Instellingen kregen hun budget op basis van hun erkenning, later toelating genoemd. Een verpleeghuis met bijvoorbeeld een x plaatsen voor reuma en y plaatsen voor CVA kreeg een budget op basis van deze toelating en niet op basis van de aanwezige cliënten. Zo namen reguliere somatische cliënten de reumaplaatsen in beslag. Deze cliënten kregen geen extra voorzieningen. Echter de CVA-cliënten met een indicatie revalidatie die op de reguliere plaatsen lagen, kregen ook geen speciale CVA-zorg.

Zorgverzekeraars zijn tot 1 januari 2012 verplicht de AWBZ-instellingen in hun regio te contracteren. Voor instellingen was er dus niet of nauwelijks discussie over hun inkomsten. Het indiceren van cliënten op verschillende zorgzwaarten had dus geen enkele zin en was dus echt overbodige bureaucratie.  Pas nu de verplichte contractering vervalt en de verzekeraars naar zorgzwaarte (ZZP’s) gaat betalen, heeft het zin. Zwaardere zorgindicatie betekent meer budget. Dat de instellingen strategisch denken, blijkt uit de verschillende keren dat de invoering van de ZZP’s uitgesteld moest worden. Er was te veel strategisch gedrag bij het indiceren van cliënten. Zo scoorden de semimurale instellingen hun cliënten zwaarder dan de intramurale instellingen.

Nu eindelijk betaling naar zorgzwaarte volgens de indicatie ingaat, mogen zorginstellingen weer zelf hun cliënten gaan indiceren. Per 1 oktober 2011 stellen de zorgaanbieders een indicatie-advies op dat het CIZ omzet in een indicatiebesluit. Steekproefsgewijs controleert het CIZ dan. Ook voor nieuwe cliënten die ouder zijn dan 80 jaar, maakt de zorgaanbieder de indicatie. In een sector die moet bezuinigen is het verbazingwekkend dat de geldontvanger de bediener is van de geldkraan. Maar het ergste is natuurlijk dat de cliënt niet langer voorkomt in het indicatieverhaal. Net als vroeger wordt over zijn hoofd heen, of beter gezegd achter zijn rug om, beslist. En protesteert hij te veel, dan kan hij altijd door de zorginstelling de indicatie dement of gedragsgestoord krijgen.