Antoinette Vietsch| AVI research en consultancy
AVI

rearch en consultancy
AVI research en consultancy richt zich op: overheid, bouw en gezondheidszorg.

Vraagstukken waarmee AVI research en consultancy zich bezig houdt, zijn:
- wat is de huidige situatie
- wat zijn de ontwikke-lingen
- wat wordt de toekomst.
En natuurlijk ook: hoe speel ik op die ontwikkelingen in, hoe wijzig ik de toekomst.

                 Lees meer>>

Welstandstoezicht


Bijdrage voor Algemeen Overleg
14 april 2009


CDA vindt het belangrijk om de verantwoording zo dicht mogelijk bij de burgers te leggen en dus zo decentraal mogelijk besluiten te nemen. Zeker als het erom gaat hoe de omgeving eruit ziet. Dan moet de verantwoording liggen bij de mensen die er tegenaan moeten kijken. De lokale overheid moet dus verantwoordelijk zijn voor de ruimtelijke kwaliteit.

Daarom is het CDA er voorstander van dat een gemeenteraad moet zeggen of er wel of geen welstandscriteria nodig zijn voor een gebied. Als ze criteria willen dan moet de gemeenteraad zelf die criteria vaststellen. Ze moeten niet landelijk worden opgelegd. Een landelijke nota over hoe het platteland of een bepaalde middelgrote stad eruit moet zien, daar zijn we op tegen. Eigen identiteit staat voorop.

Als een gemeente criteria wil bepalen dan kan dat via een beeldvisie bij een bestemmingsplan of via een welstandsnota over een gebied. Wie vervolgens de bouwplannen in het kader van de welstandscriteria beoordeelt moet volgens het CDA bepaald worden door de gemeenteraad. Het kan in onze visie via een onafhankelijke commissie, door een stadsbouwmeester of door ambtenaren.
De onafhankelijke welstandscommissie kan bestaan uit deskundigen, maar ook uit plaatselijke burgers. Slechts de huidige en de voormalige wethouder is volgens de huidige wetgeving uitgesloten omdat belangenverstrengeling voorkomen moet worden. Hoe kijkt de minister aan tegen die belangenverstrengeling?
 
Ook zijn we er voor dat bij beoordeling van kleinere bouwplannen door de Welstandscommissie mandatering van een van de leden plaatsvindt zodat er geen sprake is van onnodig oponthoud. Natuurlijk kan de beoordeling alleen plaatsvinden op de criteria die de gemeenteraad vastgesteld heeft in of de welstandsnota of bij het bestemmingsplan. Het is te betreuren dat commissies nog steeds eisen stellen die juridisch niet mogelijk zijn.

De wethouder kan natuurlijk het advies van zowel de onafhankelijke welstandscommissie als de stadsbouwmeester als zijn ambtenaren naast zich neerleggen. De gemeenteraad besluit uiteindelijk altijd over een bouwplan.

Volgens de huidige wetgeving zijn al deze modellen mogelijk. Indien deze modellen ook mogelijk zijn in de nieuwe wetgeving, dan zijn we niet tegen het nieuwe voorstel. Maar we vragen ons dan wel af waarom de wetswijziging nodig is. Kan de minister dit toelichten?

Volgens de brief van de minister lijkt het verschil tussen de oude en nieuwe wetgeving te zijn dat de Welstandscommissie niet langer onafhankelijk kan zijn en de invloed van de wethouder op de goedkeuring. Is dit inderdaad waar en zo ja, waarom is dit?
Wat vindt de minister van de argumentatie van de Vereniging van Bouw- en Woningtoezicht dat ambtenaren niet de druk aan kunnen om een plan af te keuren en dat ze niet opgeleid zijn om welstandseisen te beoordelen? Bestaat niet het risico dat de onafhankelijke welstandscommissie gewoon omgezet wordt in een aparte “ambtenaren”-commissie?
Kortom kan de Minister mij het verschil uitleggen tussen de huidige wetgeving en het voorstel en kan hij tevens aangeven waarom de huidige wet moet veranderen?

Tot slot: in de monumentenwet is juist besloten om de beoordeling niet langer door ambtenaren te laten plaatsvinden maar een onafhankelijke commissie in te stellen. Kan de minister aangeven waarom dit bij monumenten wel noodzakelijk is en dat dit bij welstandseisen juist verboden moet worden?