Antoinette Vietsch| AVI research en consultancy
AVI

rearch en consultancy
AVI research en consultancy richt zich op: overheid, bouw en gezondheidszorg.

Vraagstukken waarmee AVI research en consultancy zich bezig houdt, zijn:
- wat is de huidige situatie
- wat zijn de ontwikke-lingen
- wat wordt de toekomst.
En natuurlijk ook: hoe speel ik op die ontwikkelingen in, hoe wijzig ik de toekomst.

                 Lees meer>>

Handhaving


Bijdrage voor Algemeen Overleg
23 mei 2007

Op de agenda staan veel brieven met rapporten waarin aanbevelingen worden gedaan. Echter of, en zo ja, wanneer deze aanbevelingen concreet leiden tot actie, is niet duidelijk.
Een voorbeeld. Van de toetsingsconferentie van het Gezamenlijk Verdrag inzake de veiligheid van beheer van bestraalde splijtstof en radioactiefafval wordt wel verslag gedaan. Maar onduidelijk is wat gedaan wordt met de kritische opmerkingen over de benodigde kennis om de kerncentrale Dodewaard langer dan 1 generatie in stand te houden.
Een ander voorbeeld, RIVM doet een evaluatie over legionellapreventie. Volgens de brief van december zou deze evaluatie in februari klaar zijn. We hebben gisteren een brief gekregen. Laatste zin van de brief: “Medio juni 2007 hoop ik u het evaluatie-verslag van het legionellabeleid aan te kunnen bieden dat in mijn opdracht door het RIVM is opgesteld. Dit evaluatieverslag zal vergezeld gaan van een door de VROM-inspectie opgesteld actieplan legionellapreventie.” We wachten dus verder af. Blijkbaar is bij dit onderwerp geen haast geboden.
En tot slot het Saneringsplan wegen derde fase. Wanneer is dat klaar?

De rode draad van alle brieven is de inspectie VROM. Opvallend daarbij is dat niet opgetreden wordt tegen gemeenten die hogere eisen stellen dan volgens het Bouwbesluit is toegestaan.
Maar er is naast de Inspectie VROM nog een andere rode draad: het verschil tussen regelgeving, de theorie en de praktijk. Zo worden in 2003 tijdens bedrijfscontroles door de inspectie VROM vastgesteld dat enkele bepalingen en regelingen van de handhaving van de Kernenergiewet bij schrootverwerkende bedrijven moeilijk handhaafbaar en uitvoerbaar zijn. Dit leidt tot stopzetten van de betreffende handhaving in oktober 2004. En vervolgens komt in 2006 de volgende aanbeveling in een rapport: De Inspectie zal bij de beleidsdirectie VROM aandringen op een spoedige evaluatie en wijziging van de regelgeving (bron: rapport: Meten Moet III, juni 2006). Nu, in mei 2007 wordt dit dus door de Tweede Kamer besproken. Maar wat wordt er nu gedaan? Het is toch te gek dat 4 jaar na de constatering dat het in de praktijk niet werkt, het ministerie van VROM nog steeds niets besloten heeft?

Een vergelijkbare situatie speelt bij de EVOA waarbij de schrootverwerkende industrie rechtzaken gewonnen heeft over het feit dat de uitvoer van kabel met groene onderdelen naar China mag. Desondanks blijft de Inspectie VROM bij het beleidsuitgangspunt dat het niet mag. Blijkbaar reageert de beleidsdirectie VROM ook niet op de uitkomst van rechtzaken. Graag een reactie van de Minister hierop.

Opmerkelijk is ook bij de schrootverwerkende industrie het verschil in bankgaranties. Indien 25 tot 40% geen bankgarantie heeft en daar mee wegkomt, dan is er geen gelijk speelveld en dus sprake van concurrentievervalsing. Hoe gaat de Minister hier mee om? 

Een andere rode draad door de stukken heen is het gebrek aan openheid van kennis. Waarom moeten er gecertificeerde deskundigen zijn die besluiten of iets binnen de normen valt. Zijn de normen zo onduidelijk?
Opmerkelijk vond ik ook dat bij de stukken over gevaarlijke stoffen niet voorgesteld werd kennis te bundelen door het samenvoegen expertisecentra en help-desks gevaarlijke stoffen? Kan de Minister dat toelichten?
Eveneens opmerkelijk is dat bij de bewoning van recreatiewoningen 99% van de gemeenten wel keuzes gemaakt heeft of de woningen bewoond mogen worden, maar dat slechts 83% deze keuze kenbaar heeft gemaakt. Hoe kan het dat gemeenten beleid hebben dat niet openbaar is?

Samenvattend, vraagt de CDA-fractie de Minister naast antwoord op een aantal gedetailleerde vragen, drie toezeggingen:
- een overzicht met concrete acties en een planningsoverzicht wanneer wat gereed zal zijn in de komende periode
- een betere en snellere afstemming tussen beleid en uitvoering, tussen de beleidsafdelingen en inspectie VROM
- aanpassen van normen zodat ze eenduidig zijn en een of meerdere concrete helpdesks die binnen 2 weken een vraag beantwoorden en waarvan de vraagsteller mag uitgaan dat het antwoord kloppend is en dus geen beboeting door de inspectie VROM kan plaatsvinden indien men zich aan het antwoord houdt. Daarbij moet natuurlijk ook de mogelijkheid zijn om tegen het antwoord in beroep te gaan.