Antoinette Vietsch| AVI research en consultancy
AVI

rearch en consultancy
AVI research en consultancy richt zich op: overheid, bouw en gezondheidszorg.

Vraagstukken waarmee AVI research en consultancy zich bezig houdt, zijn:
- wat is de huidige situatie
- wat zijn de ontwikke-lingen
- wat wordt de toekomst.
En natuurlijk ook: hoe speel ik op die ontwikkelingen in, hoe wijzig ik de toekomst.

                 Lees meer>>

Asbest


Bijdrage voor Algemeen Overleg
18 februari 2010

Voorzitter, uit de rapportage Ketenhandhaving asbest 2009 blijkt dat de verschillende gemeenten hebben mede door de hulp van de Inspectie-VROM hun zaken nu beter op orde dan in 2008 toen het rapport Bartels gemaakt is. Dat was hard nodig.
Slechts de gemeenten Lansingerland, Rotterdam, Vlissingen en Terneuzen voldoen echter nog steeds niet aan de eisen. Terwijl zeker de drie laatsten toch plaatsen zijn waar door de havens en industrie het gevaar van asbest bekend moet zijn. “Naming en shaming” van deze plaatsen is een goede zaak. Maar onvoldoende.
Op welke wijze gaat de minister deze plaatsen aanspreken?

De overige gemeenten voldoen volgens de rapportage.
Als ze voldoen, waarom is dan opschaling naar regionale uitvoeringsdiensten (RDU) nodig? Zoals u weet, het het CDA tegen deze regionale uitvoeringsdiensten. Maar verhuizen van de verantwoordelijkheid voor asbest dat eindelijk goed geregeld is, naar nieuwe diensten die onder meerdere gemeenteraden gaan vallen, brengt volgens ons de nu net bereikte handhaving in gevaar?
Graag een reactie van de minister.

Ondanks dat de ketenhandhaving nu op orde zou moeten zijn, kondigt de minister een zeer groot aantal maatregelen aan. Het aantal is zo groot, dat het CDA bezorgd is over de realisatie. Heel veel maatregelen tegelijk opstarten, kan betekenen dat alles slechts een beetje gebeurt en dat het resultaat zeer beperkt is. Is het niet zinnig om een prioriteiten te stellen?

Voor het CDA licht prioriteit op het verscherpt toezicht op certificerende instellingen in. Bij bedrijven die niet voldoen moet het certificaat worden ingetrokken of geschorst en dat moet duidelijk aangegeven worden. Certificerende bedrijven die dat niet doen moeten inderdaad hun bevoegdheid om te certificeren kwijt raken.
Wat zijn hierover concreet de afspraken?

Een van de problemen die in het rapport Bartels genoemd werd, is de afhankelijkheidsrelatie tussen asbestverwijderaars en certificerende instellingen. De instellingen die certificeren zijn van hun inkomen afhankelijk van de asbestverwijderaars en willen daarom geen certificaten schorsen of intrekken. Zelfs niet als een asbestverwijderaar strafrechtelijk veroordeeld is voor fouten.
Is het verscherpte toezicht van de minister voldoende? Wat doet de minister bij overtredingen?

Het meest problematisch is natuurlijk dat opgeleverde gebouwen nog steeds te veel asbest hebben. Volgens het rapport Bartels wordt 4% van de gesaneerde gebouwen ten onrechte wordt vrijgegeven. In de rapportage Ketenhandhaving wordt dit niet genoemd. Op welke wijze wordt nu voorkomen dat gesaneerde gebouwen toch asbest omvatten? Kan de minister daar op in gaan?

Tot slot, het rapport van de GezondheidsRaad en de mogelijke normwijziging.
Het CDA is daarover zeer bezorgd. Kan de minister hier iets meer over meedelen.
Kan dit gaan betekenen dat alle gesaneerde gebouwen en boten opnieuw gesaneerd moeten worden?